Usha’s treehouse: Een memorabele nacht in de Sri Lankaanse jungle

Daar zitten we dan: ronddobberend in het donker op een houten vlot, ergens op een meer in het midden van Sri Lanka. Onze guesthouse host Channa peddelt ons rustig voort. Achter hem: wij, met veel te veel bagage die we nooit hadden meegenomen als we wisten dat dit het plan was.

Tekst & foto’s: Lotte Doom

Wat dacht ik toen ik zei: “We nemen alles wel mee”?

Usha, Channa’s vrouw, had nog gezegd dat we voor het donker moesten aankomen. Ze had ons ook gevraagd of we niet wat spullen wilden achterlaten bij hen thuis: “Want kunnen jullie dat allemaal wel dragen?” “Tuurlijk!” had ik gezegd. Maar eerlijk: ik ben gewoon niet zo goed in inpakken. On the spot beslissen wat ik die avond en de volgende dag nodig heb, is dus niet mijn sterkste kant. Nu (een uur later ronddobberend in een zwart gat, met veel te veel bagage waardoor we daarnet amper zelf nog bij in de tuktuk pasten) besef ik pas wat ze écht bedoelde.

Wat volgt, is een wandeling (of eerder een sprintje) door de jungle in Sri Lanka, achter Channa aan. Het begon nog rustig (Channa schijnend met de zaklamp om zeker te zijn dat er geen olifanten in aantocht zijn), maar al snel schakelde hij over naar een andere strategie: lopen voor je leven. Wij dus erachteraan, met al onze nutteloze extra zakken in onze armen. We hebben geen idee wat ons nog te wachten staat en Usha’s waarschuwing gaat door mijn hoofd: “Pas op voor de olifanten, want ’s nachts kunnen ze heel onvoorspelbaar reageren.”

Van chaos naar rust

Zo blijven we maar lopen in een steeds dieper wordend zwart gat, tot Channa plots stopt. Voor ons: de boomhut, steunend op een prachtige boom, gemaakt van natuurlijke materialen en zelfgemaakt leem. We krijgen een rondleiding en voelen ons meteen thuis! Er is zelfs een eenvoudige badkamer met een (zeer welkome) douche.

Daarna volgt het eten: Usha had enorm veel klaargemaakt en alles was echt superlekker. Zij regelt alles van thuis uit: koken, de communicatie, zorgen voor de kinderen … Haar man Channa trekt met de gasten de jungle in, maakt alles klaar en blijft beneden slapen voor de veiligheid. Elke paar uur doet hij een ronde, op zoek naar beweging in de bossen, geluiden in de verte en olifanten die mogelijk op doortocht zijn en zo per ongeluk hun stukje land zouden beschadigen. Hij serveert Usha’s eten met zoveel trots. De warmte tussen hen (zelfs als ze niet fysiek samen zijn) en de manier waarop ze die warmte uitstralen naar ons, voelt zo oprecht aan. Het is echt alsof we logeren bij familie.

Na het eten gaat mijn reisgenoot naar bed, maar ik zit nog vol vragen. Dus wanneer ik Channa beneden bij de afwas vind in zijn tuin onder de sterren, begint hij te vertellen. Over hoe hij samen met zijn vriend de boomhut gebouwd heeft, hoe ze regenwater opvangen, hoe de zonnepanelen werken en waar elke plant in de tuin voor dient. De ene houdt slangen weg, de andere geeft gewoon lekkere besjes. Voor ik het besef, heb ik er al één op. Niet bepaald slim, random junglebesjes eten, maar het toont vooral hoeveel vertrouwen ik in hem heb, terwijl we elkaar eigenlijk nog maar een paar uur kennen.

Wat blijft wanneer je alles verliest

We wandelen samen verder door de tuin, over hun stukje land, terwijl het al bijna middernacht is. Channa vertelt over hoe het allemaal begon. Of beter gezegd: hoe alles eerst wegging. Vroeger had hij 11 guesthouses in Sri Lanka, in de buurt van Colombo. Alles ging goed, tot corona: geen toeristen meer, geen werk, geen inkomsten en geen zekerheid. Ze besloten te verhuizen naar dit dorpje en stukje natuur in Hiriwadunna om hun leven samen opnieuw op te bouwen. Klein, bewust en stap voor stap. “Want,” zegt hij, “als je veel hebt, kun je alleen maar veel verliezen.”

Vol verwachtingen vertrokken we naar deze plek. Ik hoopte op een avontuur in de jungle dat ik nooit meer zou vergeten. Dat kreeg ik, maar het werd nog zoveel meer dan dat. Wat mij het meest is bijgebleven? Hoe Usha en Channa met elkaar omgaan, hoe ze elkaar aanvullen en hoe hun warmte en zachtheid aanstekelijk werkt. Niet luid, niet opvallend, maar zichtbaar in de kleinste dingen – en soms de iets grotere, zoals je treehouse vernoemen naar je vrouw. Wat wil een mens nog meer?

Het grappige is dat ik daarvoor de hele wereld moest afreizen. Helemaal naar Sri Lanka om nog maar eens te zien dat elkaar respecteren, leven en laten leven en iedereen dag zeggen met een glimlach, echt een wereld van verschil kan maken. Want met hun glimlach, warmte en vooral hun oprechtheid hebben ze mij alleen maar meer geïnspireerd.

Of om af te sluiten met Usha’s woorden: “a home is not just a place, it’s a loving feeling.”

Dit artikel verscheen in De Karavaan van juli 2025. Ook 4x per jaar ons magazine ontvangen? Word lid van Karavaan! 

Lees verder

Zie meer